JANUARI 2022

Afscheidsinterview met inspecteur niet-confessionele zedenleer Jan Van Vaek


© Gerbrich Reynaert
   

KURT

BECKERS

Toen hij als jongeling moest kiezen wat te gaan studeren, twijfelde Jan Van Vaek tussen moraalwetenschappen en de zeemansschool. Hij koos uiteindelijk voor het eerste want dat paste meer bij zijn non-conventionele, revolutionaire en antiautoritaire gedachtegoed. Zo vond Jan Van Vaek de weg naar het vak niet-confessionele zedenleer waar hij zich met overtuiging en toewijding voor inzet. Eerst als leerkracht, dan als inspecteur en hoofdinspecteur. Een lange carrière die stilletjes aan op zijn einde loopt.

 

 

‘Een goede leerkracht heeft passie voor zijn vak’

 

Als leerkracht of inspecteur niet-confessionele zedenleer moet je overtuigd vrijzinnig humanistisch zijn, hoe zit dat bij u?

Ik kom uit een zeer vrijzinnig gezin, we spreken over de derde à vierde generatie. En hoewel ik daar zelf geen verdienste aan heb, heeft het mij een andere kijk gegeven op geloof en godsdienst. Godsdienstige gemeenschappen en hun waardenpatroon kunnen ook heel waardevol zijn. Mijn ouders vonden respect voor andersdenkenden heel belangrijk en ik heb me nooit moeten afzetten tegen het katholicisme. Daarom heb ik een tolerantere houding dan veel vrijzinnigen die zich hebben moeten losrukken van het machtsbastion van de kerk en het katholicisme en bijgevolg meer antiklerikaal zijn. Uiteraard ben ik ook antiklerikaal maar niet antichristelijk en dat is een groot verschil.

 

We moeten het debat blijven aangaan want democratische rechten zijn nooit definitief

Hoe sta je tegenover de macht van godsdiensten?

Ik heb lang gedacht dat godsdienst iets was dat ging uitsterven, dat het behorende tot de vaart der volkeren zoals Freud dat beschrijft in De toekomst van een illusie. Het leek ook lang zo dat godsdiensten gingen oplossen. Vandaag zien we echter een versterkte aanwezigheid van religie. Waar Patrick Loobuyck spreekt over een geseculariseerde samenleving, zie ik net meer godsdienst.


Zo hebben wij vrijzinnigen enkele maatschappelijke strijdpunten gewonnen: in het onderwijs met onder andere co-educatie, maar ook met het recht op abortus en euthanasie. En dat is nu allemaal breed maatschappelijk aanvaard, ook door katholieken. Je ziet echter dat nieuwe religieuze groepen, zoals de islam en de evangelisten, deze verworvenheden vandaag terug in vraag stellen. Dat is vermoeiend.


We moeten het debat wel blijven aangaan want democratische rechten zijn nooit definitief. En dan gaat het niet enkel om individuele rechten maar ook over economische rechten: recht op een degelijk inkomen, recht op arbeid, recht op een woonst … Belangrijke mensenrechten: ‘erst kommt das Fressen, dann kommt die Moral.’

 

Je hebt het over verworven strijdpunten van de vrijzinnigheid die door nieuwe bevolkingsgroepen opnieuw in vraag worden gesteld. Heeft de vrijzinnigheid hierin nog een opdracht te vervullen?

Jazeker, via de interlevensbeschouwelijke dialoog. Daarin moet je emancipatorisch werken. Er is veel verdeeldheid in die religieuze groepen en verandering komt meestal van binnenuit. Wij zijn daarin slechts een externe factor en moeten ons wat bescheidener opstellen. De harde piste leidt hier tot weinig resultaten. De terugtrekking uit Afghanistan was een keerpunt in het denken dat we van buitenaf onze visie op democratie en mensenrechten kunnen opleggen. Dat lukt niet. Niet met repressie maar met dialoog en het stimuleren van interne mechanismen los je iets op.

Er ligt dan ook een zeer grote opdracht open voor de interlevensbeschouwelijke dialoog op school. Met een vak burgerschap of LEF (Levensbeschouwing, Ethiek en Filosofie) bestaat het reële gevaar dat moslims dat ervaren als iets wat ze opgelegd krijgen. De leerkracht die dat moet geven in een concentratieschool wens ik veel succes! Als hij niet de back-up heeft van iemand die gerespecteerd wordt in de eigen gemeenschap, dan is dat op voorhand tot mislukken gedoemd.

In het project van LEF schuilt bovendien de positivistische gedachte dat je op een wetenschappelijke manier kan les geven over levensbeschouwingen. Dat is echter een probleem. Mensen veranderen hun waardeoordelen niet enkel op basis van ratio maar ook op basis van affiniteiten en affecties. Die moet je daarbij betrekken en dat vraagt een strategie van participatie, niet van confrontatie. Wat niet wil zeggen dat je geen duidelijke eisen mag stellen ten aanzien van oproepen tot geweld of jihadisme.

 

Je bent dus duidelijk voor het behoud van de levensbeschouwelijke vakken maar dan hervormd: met één uur interlevensbeschouwelijke dialoog naast een uur eigen levensbeschouwing. Kan je die hervorming kort toelichten?

 De piste zoals die nu voor ligt, vertrekt vanuit de levensbeschouwelijke vakken waarbij deze zich op een betere manier inpassen in het burgerschaps- en dialoogverhaal. Dat is een enorme uitdaging. Of dat zal lukken, hangt niet enkel af van de kwaliteit van het leerplan, of de kwaliteit van de leerkracht, maar evengoed van de internationale politieke context. Onderwijs is niet enkel een motor, maar ook een spiegel van de samenleving. En die is zeer mondiaal geworden. Wat er op de westelijke Jordaanoever gebeurt zal zeker een rol spelen in het lukken of niet lukken van het project dat het gemeenschapsonderwijs voor ogen heeft.


We moeten dit project dan ook alle slaagkansen geven en vertrouwen op de mensen die dit mee vorm geven. Dat vertrouwen is vanuit de onderwijsverstrekkers niet groot genoeg. En ook binnen de vrijzinnig-humanistische gemeenschap blijven sommigen te hard mikken op de dwangmatige – ik oppassen met wat ik zeg – secularisering of een secularisering die je van bovenaf kan opleggen. Terwijl het vrijzinnig humanisme, met haar lange traditie van dialoog en gesprek, hierin een voortrekkersrol zou moeten opnemen.


Als je met vrijzinnig humanisten spreekt is er weinig taboe. Terwijl kritische vragen door andere levensbeschouwingen vaak worden opgevat als een belediging. Ik voel mij niet zo snel beledigd. Integendeel, ik vind het positief wanneer bijvoorbeeld een leerkracht me zegt: ‘Inspecteur, ik ga niet akkoord met wat je daar zegt’. Temeer omdat vrijzinnigen een antiautoritaire instelling hebben en de autoriteiten in vraag durven stellen. Zij kennen ‘Ni Dieu Ni Maître’, ook op de werkvloer. En dit geldt zeker voor de leerkracht zedenleer, die beschermd is voor sancties tenzij de inspecteur ermee akkoord is.


Gezagsgetrouwheid is een groot probleem en het autoriteitsdenken is toegenomen, niet alleen bij Xi Jinping in China maar ook op onze scholen. Het Angelsaksisch managementmodel, ‘the winner takes it all’, hij die het verdient is de grote baas en de rest moet knikken, zie je op allerlei niveaus. Het participatiedecreet in het onderwijs is totaal uitgehold en dode letter.

 

Er ligt een zeer grote opdracht open voor de inter-levensbeschouwelijke dialoog op school

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De vrijzinnigheid met haar lange traditie van dialoog en gesprek moet hierin een voortrekkersrol opnemen

 

 

   
 

Dat zijn toch straffe woorden.

Er is een duidelijke achteruitgang op vlak van democratisering. Bestuursraden worden als maar meer afgeslankt. Participatie wordt beperkt. Vakbonden worden geweerd. Daardoor beslissen steeds minder mensen over meerdere zaken, waardoor er een grote ongelijkheid ontstaat. En niemand verzet zich daar tegen. In de jaren zeventig stonden we veel verder wat betreft de leraren- en leerlingenparticipatie.

 


 

 

 

 

 

 

Het is angstwekkend dat men in een samenleving niet voldoende mensen vindt om les te geven

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een leerkracht is niet neutraal en hoeft dat ook niet te zijn, maar hij mag zijn politieke en levensbeschouwelijke visie uiteraard niet opdringen

 


 

Heeft dat dan zo’n invloed in het onderwijs?

Uit onderzoeken blijkt dat autonomie op je werk een sterke motivatie is om je werk graag te doen. Leerkrachten hebben een zeer grote autonomie. Dat wil niet zeggen dat er geen leerplan moet zijn, of ondersteuning, maar wel dat de leraar in zijn klas kapitein is. Dat geeft de grootste voldoening.

Die autonomie wordt echter ondermijnd door managementmodellen, het terugschroeven van de democratische participatie van leerkrachten in het beleid van de school en de informatisering via de digitale platformen die te vaak misbruikt worden als een controle-instrument. Zowel voor het controleren van de leerlingen als van de leraren. Daarmee samenhangend zijn er veel meetinstrumenten die men invoert om het onmeetbare te meten. Ik noem dat de inflatie van de bullshit jobs. Diensten die beweren dat ze onderwijsondersteunend zijn maar die in feite de workload en de planlast alleen maar vergroten. En dan heb je nog allerlei surveys, gaande van welzijnsbeleid tot en met efficiëntiemeting, die allemaal netjes in tabellen worden gebracht.

Met andere woorden: instrumenten die je verplichten om te registeren wat je doet, waardoor het bewijzen van je werk belangrijker wordt dan het werk zelf. Dat ondermijnt de autonomie van de leerkrachten enorm. En wat ga je doen met een leerkrachten die niet in orde is met zijn papieren maar zijn vak goed kent, begeesterend kan lesgeven en een goede relatie heeft met de leerlingen?

 

 

Dat draagt niet echt bij aan de aantrekkelijkheid van het lerarenberoep. We hebben momenteel een ernstig lerarentekort. Zitten we hier op een tikkende tijdbom?

Jazeker. Met het generatiepact ging de voorbije jaren bijna niemand met pensioen, maar dat was tijdelijk. De komende jaren gaan er massaal veel meer mensen met pensioen gaan en het lerarentekort zal gigantisch groot worden. Het is angstwekkend dat men in een samenleving niet voldoende mensen vindt om les te geven aan de kinderen. Kortom, om de toekomst van die samenleving uit te bouwen. Zo een mooi beroep!

Een ander probleem is dat het systeem van de vaste benoemingen niet eerlijk in elkaar zit. Het toeval bepaalt in welke scholengroep je terecht komt. Je kan als beginnend leerkracht met groot engagement werkwillig in verschillende scholengroepen gaatjes gaan opvullen en telkens naast de anciënniteit grijpen. Of je kan telkens geduldig wachten tot er in de scholengroep dicht in je buurt een job vrijkomt en zo daar sneller anciënniteit opbouwen. Met de laatste strategie zal men meer geluk hebben om een vaste benoeming vast te krijgen, terwijl een werkwillige, flexibele leerkracht ernaast vangt. Dat is een waanzinnig systeem waardoor de kleuterjuf in de Pinte elke dag van Antwerpen moet komen, in de file staan voor de Kennedytunnel en geen perspectief kent om dichter bij huis te werken. Tenzij ze haar vaste benoeming volledig opgeeft en terugvalt in het onzekere systeem van vervangingen om in de scholengroep in haar buurt voldoende anciënniteit op te bouwen. Zo wordt het beroep natuurlijk zeer onaantrekkelijk.

Verder wordt het ambt van leerkracht minder aantrekkelijk gemaakt door het afbouwen van de vakbekwaamheid. De leerkracht dient vandaag alsmaar meer vakoverschrijdend te werken, als reactie op de vroegere vakidiotie. Vakoverschrijdend werken moet beginnen bij het vak en niet omgekeerd. Zo kan je vanuit verschillende vakken werken rond bijvoorbeeld vaccinatieprogramma’s. Als leraar zedenleer kan je het dan hebben over maatschappelijke verantwoordelijk en je collega wiskunde kan les geven rond statistische interpretaties van modellen. Dat is een andere aanpak dan eerst een holle eindterm te omschrijven om daarna te zien wat je daar kan inwringen.

 
 

Wat moet dan beter?

Er is terug nood aan vakinspectie en sterkere ondersteuning van vakleerkrachten. Vandaag moeten de directies dat doen, maar als romanist voel ik me niet echt bevoegd om een les wiskunde te gaan beoordelen. Je kan wel zien dat de leerlingen niet op de tafels dansen, de leerkracht een mooi bordschema heeft en zijn agenda in orde is, maar dat is meer een administratieve beoordeling en dat is nu net niet de bedoeling.

Een goede leerkracht moet passie hebben voor zijn vak. Een bioloog die biologie geeft, heeft daar voor gekozen en die heeft een passie voor dat vak die hij wil overbrengen op jonge mensen. Die bioloog zal ook wel scheikunde kunnen geven, fysica wordt misschien al een stukje moeilijker en als je hem sociologie laat geven zal die geestdrift er al helemaal niet zijn, want dat is zijn interesseveld niet. Directies zijn vaak blij dat er voor de levensbeschouwelijke vakken een vakinspecteur is die tenminste kan beoordelen of het verantwoord is wat die leerkracht vertelt en die inhoudelijk kan bijstaan.


Wat is jouw standpunt rond de neutraliteit in het onderwijs? Ben je voor een exclusieve of eerder inclusieve neutraliteit? Gelet op het leerkrachtentekort, er staan veel moslima’s klaar om les te geven maar dan wel met hun levensbeschouwelijk kenteken. Hoe sta jij daar tegenover?  

Dat is zeer moeilijk. Mijn vrouw haar collega islamitische godsdienst is progressief, heeft twee masters, organiseerde allerlei buitenschoolse activiteiten voor de leerlingen, ging mee op schooluitstappen en kwam vaak in de leraarszaal waar ze graag gezien was. Met de nieuwe regel op het GO! kan ze enkel nog tijdens haar lessen islam een hoofddoek dragen. In die hoedanigheid is die hoofddoek geen probleem, maar wanneer ze toezicht doet op de speelplaats is dat plots wel een probleem. Sindsdien is zij een schim geworden in die school. Door zo een maatregel drijf je mensen in isolement. Het gaat om een leerkracht islam, geen rechter of politieagente. Ze zit ook niet achter een loket waar iedereen moet passeren voor een officieel document zoals een identiteitskaart.

Ik kan me niet van de indruk ontdoen dat het hier om een selectieve perceptie op een bepaalde minderheidsgroep gaat. Er is zelfs sprake van een selectieve repressie. Niemand valt over het keppeltje van de leerkracht Israëlitische godsdienst. Al weet ik ook wel dat er sinds de Iraanse revolutie een toenemende symbolisering van de hoofddoek is vanuit het combattief islamisme. En we mogen niet blind zijn voor dat islamisme, maar dat wil niet zeggen dat iedereen die een hoofddoek draagt islamist is.


Wat met een leerkracht wiskunde die een hoofddoek wil dragen?

Een leerkracht is niet neutraal en hoeft dat ook niet te zijn, maar hij mag zijn politieke en levensbeschouwelijke visie uiteraard niet opdringen. Dus zo lang die leerkracht wiskunde de lessen niet gebruikt om het islamisme aan te prijzen, heb ik daar weinig problemen mee. En of je nu wiskunde krijgt van een vrouw met of zonder hoofddoek of van een homoseksueel of zo, dat is niet van belang. Het belangrijkste is dat je goede wiskunde krijgt. Net zoals je niet stemt op iemand omdat die zwart is, of man, of lesbisch, maar omdat die persoon voor iets staat, voor zijn of haar ideeën. Als je een leraar benoemt, is dat op basis van de lessen en de interactie met de leerlingen. Niet op basis van haar kapotte schoenen of zijn nieuwe plastron.

 

Jan, je hebt een lange bewogen carrière achter de rug als leerkracht en als inspecteur niet-confessionele zedenleer. Komt jouw pensioen stilletjes aan in zicht?

Jawel, in september ga ik op pensioen. Je moet plaats durven maken voor jonge mensen, voor vernieuwing. Ik ben heel mijn leven met veel enthousiasme bezig geweest met het vak niet-confessionele zedenleer en vind dat nog steeds boeiend en de moeite waard. Als men mij na mijn pensionering zou vragen om het vak te ondersteunen, ga ik dat zeker doen. Maar wel alleen nog het inhoudelijke: lesmateriaal uitwerken of zo. Dat is het liefste wat ik doe! Bij elke tekst en elk boek dat ik lees, ook al geef ik al jaren geen les meer, denk ik nog steeds na over hoe ik daar een interessante les van zou kunnen maken. En dat is de autonomie van de leerkracht die men hem niet mag afpakken.

 

 

Het bewijzen van je werk wordt belangrijker dan het werk zelf. Dat ondermijnt de autonomie van de leerkrachten enorm

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Je moet plaats durven maken voor jonge mensen, voor vernieuwing


En heb je concrete plannen om jouw pensioen zinvol in te vullen?

Ik wil zoveel mogelijk van de wereld zien en heb leren zeilen. Dat is wat ik ga doen!


Wil je de papieren versie van De Geus thuis ontvangen? klik hier voor meer informatie.