APRIL 2020

FILOSOFIE: Jamie Lombardi - De overpeinzingen


"Als kind en als adolescent waren het boeken die me gered hebben van de wanhoop. Dat heeft me ervan overtuigd dat cultuur de hoogste is van al onze waarden."
— uit De gebroken vrouw (1967) door Simone de Beauvoir 

   

Het is een gangbaar misverstand dat een stoïcijn, om zich te bevrijden van de tumultueuze golven van zijn emoties, in het bezit moet zijn van wat de Engelsen een stiff upper lip noemen. Deze interpretatie van het stoïcisme miskent dat onze emoties, ook de meest pijnlijke, helemaal geen vijanden hoeven te zijn. Integendeel, we kunnen ze zelfs leren zien als een gids. Dat lijkt op het eerste zicht helemaal niet waar, of een uitspraak van iemand die nog nooit echt afgezien heeft. Toch was het tijdens de zwaarste crisis van mijn leven dat ik het stoïcisme leerde kennen en het me de weg wees naar de aanvaarding van het verschrikkelijke. Of toch iets wat daar heel dicht bij in de buurt komt.
 

Jamie lombardi


   

Hoe Marcus Aurelius me hielp mijn rouw te verwerken en mijn leven terug op te bouwen

In september 2013 kreeg mijn man plots een uiterst vreemde ziekte. Het was bijna onnozel om hem ziek te noemen. Er waren immers geen tumoren, hij had geen koorts … er was niets waarvan je zou kunnen zeggen: ‘Kijk – dat is er mis.’ Er was wel slapheid en vermoeidheid. En vooral: verwarring. Er gingen een paar maanden overheen, maar uiteindelijk kregen we een diagnose: myasthenia gravis, een zeldzame auto-immuunziekte die normaal gezien alleen vrouwen van onder de veertig en mannen van boven de zestig treft. Mijn man was echter geen van beide. Al bij al, zo zei men, viel het nogal mee. De ziekte zou spontaan in remissie gaan in de komende vijf tot tien jaar. Die prognose kon niet verder van de waarheid zijn. Twee dagen voor Thanksgiving begon zijn lichaam hem in de steek te laten. De man die me ooit moeiteloos over de drempel van ons huis droeg, was niet meer in staat om zijn hoofd van zijn kussen te tillen. Tegen zijn zin belde ik de hulpdiensten en ondanks zijn protest werd hij afgevoerd naar het ziekenhuis, recht naar de intensieve zorgen. Vanaf dan ging hij steeds verder achteruit.

 

De man die me ooit moeiteloos over de drempel van ons huis droeg, was niet meer in staat om zijn hoofd van zijn kussen te tillen

Tijdens mijn bezoek op de ochtend van Thanksgiving kwamen de verpleegsters zijn lakens verversen. Wat ik toen zag, staat voor de rest van mijn leven op mijn netvlies gebrand. Bij de man van wie ik hield, de vader van de drie- en de vijfjarige die ik thuis had achtergelaten, trad een totaal ademhalingsfalen op. Zijn hele lichaam werd zo paars als een aubergine. Ik keek toe hoe ze met een noodintubatie zijn leven probeerden te redden. Gedurende iets minder dan een maand namen buizen en machines al zijn lichamelijke functies over. Hij had af een toe een helder moment, waarin hij meestal doodsbang was. Maar op geen enkel moment zag ik hem zo angstig als toen ik, tegen zijn wil, het toestemmingsformulier tekende voor een tracheotomie. Ze hadden me immers verteld dat het niet langer veilig was om hem op die manier geïntubeerd te laten.

Later bleek dat hij aan die tracheotomie zou sterven. Ik had zijn doodsvonnis getekend. Eens zijn ademhalingscrisis voorbij was, hij terug had leren lopen en van de rehabilitatiekliniek naar huis kwam voor wat uiteindelijk zijn laatste Kerst met zijn kinderen zou blijken te zijn, stikte hij in zijn slaap. Hij stierf door een slijmprop, veroorzaakt door de schade aan zijn keel. Net op het moment dat we opnieuw voorzichtige plannen begonnen te smeden voor een herkansing op het leven.

Ik worstelde me door de wake en zijn begrafenis op een gruwelijke cocktail van Xanax, wodka en pure wilskracht. Op mijn eerste vrije moment daarna, besloot ik toch om naar de plaats te gaan die me altijd zoveel geluk had gebracht: mijn favoriete bibliotheek. Op een of andere manier had ik het in mijn hoofd gehaald dat de troost, waar ik zo wanhopig naar op zoek was, binnen handbereik lag als ik maar de Phaedo kon lezen en mezelf kon overtuigen van de onsterfelijkheid van de ziel. Een succesvolle poging kan ik het niet noemen. Ik heb nog steeds medelijden met de arme bibliothecaresse die moest zien te begrijpen waarom ik zo hartverscheurend huilde omdat Plato niet op zijn plaats stond. Nadat ze me de nieuwe plek van de boeken had aangewezen, plukte ik uiteindelijk een exemplaar van Marcus Aurelius’ Overpeinzingen uit het rek. En die ontdekking maakte een wereld van verschil.

‘Vecht om de persoon te zijn die de filosofie van je probeert te maken’, dat was de strijdkreet die ik nodig had

Het boek bevat dermate eenvoudige wijsheden, dat het bijna onnozel is dat ik het zo hard nodig had om ze op papier te zien. Aurelius’ bevel: ‘Vecht om de persoon te zijn die de filosofie van je probeert te maken’, dat was de strijdkreet die ik nodig had. Ik denk niet dat ik overdrijf als ik zeg dat wat ik in de Overpeinzingen vond, me heeft gered van de wanhoop die me dreigde te verslinden. Plots was ik een weduwe met twee kleine kinderen die ik moest begeleiden op hun tocht naar volwassenheid, iets waar ik me volstrekt niet toe in staat achtte. Aurelius’ raadgeving: ‘Laat je niet overweldigen door wat je je inbeeldt, maar doe wat je moet en kan doen’, voelde aan als een stevig houvast. Ik had nog steeds geen idee hoe ik in de toekomst een beugel voor mijn kinderen moest bekostigen, met hun puberteit zou moeten omgaan of hun studies zou betalen, maar het was geruststellend om te lezen dat het niet nodig was om die problemen op dat moment op te lossen.

‘Laat je niet overweldigen door wat je je inbeeldt, maar doe wat je moet en kan doen’
Marcus Aurelius

Aurelius herinnerde me eraan dat het ‘nu’ bepalend was voor mijn situatie en dat het niet zou helpen om op de zaken vooruit te lopen. Ik zou liegen als ik zei dat ik onmiddellijk stopte met panikeren. Ik leerde mezelf om steeds Marcus’ instructie te herhalen: ‘Laat de toekomst je niet verontrusten. Als ze komt, kun je – indien nodig – dezelfde wapens van de rede gebruiken die je nu inzet in het heden.’ Ik leerde ook om een inventaris op te maken van mijn mentale hulpmiddelen en hoe ik die kon inzetten om de problemen in het heden op te lossen, in plaats van nog ongekende gebeurtenissen in de toekomst op te blazen tot catastrofes.

Aurelius herinnerde me eraan dat het ‘nu’ bepalend was voor mijn situatie en dat het niet zou helpen om op de zaken vooruit te lopen

De passage waar ik het meest aan had, en waar ik jaar na jaar naar teruggreep telkens als een stervensverjaardag of andere mijlpaal me dreigde mee te sleuren in golven van verdriet, herinnert me aan het feit dat we uiteindelijk zelf bepalen welk narratief we construeren rond hetgeen er ons overkomt. Hoe verschrikkelijk ook, het blijft onze eigen keuze of we een gebeurtenis interpreteren als een verlammende nederlaag of als een miraculeuze overwinning op het lot. Ook al zijn we alleen maar in staat om ons opnieuw op te richten en staande te houden.

We bepalen uiteindelijk zelf welk narratief we construeren rond hetgeen er ons overkomt

Ik wil en kan niet beweren dat de dood van mijn echtgenoot op slechts 33-jarige leeftijd geen zware tegenslag is. Evenmin kan ik ontkennen dat het een groot onrecht is dat mijn kinderen nagenoeg hun volledige leven zonder hun vader verder moeten. Maar we hebben het doorstaan en zijn er niet aan ten onder gegaan, wat op zich al een geweldig succes is. Daar mag ik – zo heb ik geleerd – trots op zijn.

Een geliefde verliezen, zegt Aurelius, kan iedereen overkomen. Maar niet iedereen komt er ongeschonden uit. Mijn gezin en ik, wij rouwen, we zijn ons bewust van wat we kwijt zijn. Maar tegelijkertijd kregen we het inzicht dat je het geluk zelf moet maken. We hangen sterker aan elkaar, nu. We beseffen dat het leven vluchtig is en dat we elk vreugdevol moment op onze weg als een geschenk moeten zien dat we moeten koesteren. En misschien nog de belangrijkste les van allemaal: hoewel we zelf niet bepalen of en wanneer we schipbreuk lijden, kunnen we wél zelf beslissen wat we uit het wrak heropbouwen.

Hoewel we zelf niet bepalen of en wanneer we schipbreuk lijden, kunnen we wél zelf beslissen wat we uit het wrak heropbouwen

 
 

Over de auteur

Jamie Lombardi is assistent aan de vakgroep Filosofie en Religie van het Bergen Community College in New Jersey. De oorspronkelijke tekst werd geredigeerd door Nigel Warburton.
Dit artikel verscheen oorspronkelijk in Aeon, een online magazine dat essays en opiniestukken publiceert van toonaangevende denkers over wetenschap, filosofie, de samenleving en de kunsten. Bezoek htpps://aeon.co.

 Wil je de papieren versie van De Geus thuis ontvangen? klik hier voor meer informatie.